Brieven aan Arie

Op deze pagina leest u de mails die initiatiefnemer Kim van Strien van VO in Actie (dagelijks) schrijft aan minister Arie Slob. #mailArie


Brief van Kim van Strien op 20 maart 2019 over het lerarentekort

Geachte minister Slob,

Vandaag, minister, schrijf ik u over het lerarentekort. Anno 2019 is dat het meest besproken onderwerp binnen het onderwijs. De gevolgen van het lerarentekort vliegen ons om de oren. De vierdaagse schoolweek was een heftige stap. Leerlingen willen graag naar school, zij hebben recht op onderwijs. Leraren en ouders stonden dan ook afgelopen vrijdag schouder aan schouder op het Malieveld.

Op de ochtend van de staking kwam nog een schrikbarend bericht naar buiten: een basisschool was genoodzaakt om groep 8 op te heffen. Het lerarentekort grijpt om zich heen als een virus. Het vaccin hebben we niet, maar wel kennen we een aantal ingrediënten van de remedie: verlaging van de werkdruk, waardering voor het beroep en een eerlijk salaris.

Leraren werken door wanneer zij ziek zijn, omdat zij hun leerlingen niet in de steek willen laten. Schooldirecteuren vrezen elke ochtend het rinkelen van hun telefoon, het vinden van vervanging is tegenwoordig een ‘mission impossible’. Scholen doen alles in hun macht om toch onderwijs te blijven garanderen, maar soms is er geen andere mogelijkheid dan een klas naar huis te sturen.

Ook in het VO hebben we te maken met een lerarentekort. Dit is, wat mij betreft, onderbelicht en ergens snap ik dat wel. Wanneer je als ouder met je kind voor de basisschool staat en te horen krijgt dat je je kroost weer mee kan nemen, is dat vrij confronterend. Pubers worden doorgaans niet door paps en mams naar school gebracht en als ouder weet je vaak niet zo goed wat zich afspeelt binnen de muren van een middelbare school. Als daar een leraar ziek is, heeft je kind een tussenuur of wordt de les opgevangen. Je merkt als ouders pas echt iets van het lerarentekort in het VO wanneer je kind een langere tijd geen les krijgt in een bepaald vak.

In het VO is er nog een reden waardoor het lerarentekort niet goed zichtbaar, maar wel pijnlijk voelbaar is: er worden onbevoegden, onderbevoegden en andersbevoegden voor de klas gezet. Dan staat er wel iemand voor de klas, maar de juiste papieren ontbreken. Deze ‘oplossing’ voor het lerarentekort wordt gedoogd door onze overheid, daar is het label ‘benoembaar’ aan gehangen. Ik kan mij geen andere sector bedenken waarin dit voorkomt. Waarom vinden we het in Nederland acceptabel dat ongekwalificeerde mensen dit belangrijke werk doen? Kwaliteit kan niet geborgd worden door onbevoegden. Overigens wil ik niets af doen aan de inzet van deze mensen. Samen zorgen wij er namelijk voor dat onze leerlingen toch onderwijs krijgen. Het onderwijsveld neemt hierin zijn verantwoordelijkheid.

Ik maak mij zorgen, minister. Zorgen om mijn collega’s, zorgen om mijn leerlingen en zorgen om de toekomst. Daarom verzoek ik u vandaag weer: investeer in onderwijs!

Ik reken op u!

Hartelijke groet,

Kim van Strien


Brief van Kim van Strien op 19 maart 2019 over Passend Onderwijs

Geachte minister Slob,

Gisteren schreef ik al over de hoge werkdruk in het onderwijs. Vandaag wil ik één van de oorzaken van de stijgende werkdruk onder uw aandacht brengen: het passend onderwijs.

De doelen van het passend onderwijs klinken prachtig; minder kinderen die thuis zitten, kinderen krijgen ondersteuning op maat en kinderen gaan zo veel mogelijk met elkaar naar school. Een stapje in de richting van inclusie binnen onze samenleving. Ik denk dat elk onderwijshart sneller gaat kloppen bij het horen van deze ideologie.

Toch verkrampt menig onderwijshart wanneer het over passend onderwijs gaat. De praktijk in de scholen is namelijk geen El Dorado. In overvolle klassen zitten leerlingen die veel extra ondersteuning nodig hebben; bij het leren, op het gebied van gedrag, of vanwege fysieke uitdagingen. De toch al door werkdruk overspoelde leraar moet er wel voor zorgen dat de les zowel vakinhoudelijk, didactisch en pedagogisch geschikt is voor een breed publiek.

Menig leraar heeft, ondanks de tomeloze inzet en goede bedoelingen, niet altijd de juiste kennis en kunde in huis om de zorgleerlingen het onderwijs te bieden waar zij recht op hebben. Op de opleiding hebben wij immers geleerd hoe wij een vak moeten overbrengen.

Leerlingen met een zorgdossier hebben niet alleen binnen de lessen behoefte aan wat extra ondersteuning, maar ook daarbuiten. Ook dit levert extra werk op voor de leraar, vooral de mentor wordt hiermee belast. Leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben, moeten wettelijk gezien een OPP hebben, uit ervaring kan ik vertellen dat het een hele klus is op dat op te stellen. Het zorgt voor veel frustratie dat er eerst een hele papierwinkel moet worden geregeld voordat je een leerling de ondersteuning mag bieden die nodig is.

Zelf ben ik bijna afgebrand door het passend onderwijs. Ik had een mentorklas met 27 fantastische leerlingen, maar er zaten veel uitdagingen in. ODD, ADHD, disharmonisch profiel, slechthorend, dyslectisch, suïcidaal en autistisch, ik noem maar even een aantal dingen. Volgens mijn taakblad had ik zo’n anderhalf uur per week voor mijn mentoraat, daaronder viel mijn mentorles van 50 minuten per week. Al deze leerlingen moesten de juiste begeleiding krijgen en daar was ik, samen met de zorgcoördinator, verantwoordelijk voor. Van al deze leerlingen moesten dossiers goed bijgehouden worden, contacten met ouders en hulpverleners onderhouden worden en dan moest ik het ook nog voor elkaar boksen dat deze leerlingen over zouden gaan naar de volgende klas. Minister, het aanleren van het werkwoord ‘être’ werd al snel bijzaak. Als bevlogen mentor en lerares heb ik vanaf dag 1 alles op alles gezet om deze kinderen het onderwijs te geven dat zij zo verdienen. Helaas bleek mijn gedrevenheid een valkuil voor mijzelf. Geregeld was ik doodop, leeg, in tranen en gefrustreerd. Ziek melden wilde ik niet, want mijn leerlingen hadden mij nodig, als leraar maak je voor zulke leerlingen namelijk echt het verschil. Als ik terugkijk op dat jaar verbaast het mij dat ik overeind ben blijven staan, nou ja… overeind, half. Ik heb gedurende dat schooljaar wel een aantal taken af moeten stoten omdat het echt niet meer ging. Aan het eind van dat schooljaar was ik ziek, keelontsteking en een infectie, ik sleepte mijzelf de vakantie in. Mijn doel had ik overigens wel gehaald: al mijn leerlingen waren over naar de tweede klas.

Minister, het passend onderwijs is niet passend. Niet voor leerlingen. Niet voor leraren. Om echt passend onderwijs te kunnen realiseren zal er meer geïnvesteerd moeten worden in het onderwijs, zodat scholen voldoende ondersteuning kunnen bieden, zodat kinderen echte kansen krijgen in het onderwijs. Ik sluit af met dezelfde zin als gisteren: ik reken op u!

Hartelijke groet,

Kim van Strien


Brief van Kim van Strien op 18 maart 2019

Geachte heer Slob,

Afgelopen vrijdag stond ik op het Malieveld met ruim 40.000 anderen. Daar stonden wij niet voor de gezelligheid, wij stonden daar omdat we een serieus probleem hebben in het onderwijs.

Het lerarentekort is gigantisch; scholen zijn genoodzaakt om een vierdaagse schoolweek in te voeren, onbevoegden voor de klas te zetten en zelfs een klas op te heffen, omdat er simpelweg geen leraar te vinden is. Op middelbare scholen worden vakken maar geschrapt bij gebrek aan leraren.

De werkdruk in het onderwijs is hoog, dat is u reeds bekend. 1 op de 4 leraren krijgt te maken met burn-outklachten. We zien dat in het VO 31% van de startende leraren het onderwijs binnen 5 jaar verlaat, veelal door die werkdruk. Leraren besluiten om maar part-time te gaan werken, omdat het fulltime niet vol te houden is. Niet als je kwaliteit wil leveren.

Zelf werk ik al de nodige jaren fulltime als lerares Frans in het VO en ik moet geregeld kiezen voor het geven van een matige les, omdat ik niet wil kiezen voor de burn-out. Mijn leerlingen verdienen die matige les niet, zij verdienen een top les die aansluit bij hun behoeften. In mijn jaren als fulltimer heb ik meerdere malen op het punt van instorten gestaan, huilend aan mijn bureau gezeten omdat ik het niet meer aan kon, alles niet meer overzag. Inmiddels kan ik alleen nog de conclusie trekken dat ik niet meer fulltime kan en wil werken in het onderwijs. Minister Slob, dat doet pijn.

Wat ook pijn doet is het gevoel absoluut niet serieus genomen te worden door het kabinet en u als minister. Het onderwijs verzuipt en het ministerie komt met een brochure*) en dat moet het zijn. De leerlingen verdienen goed onderwijs, voor hen stond ik vrijdag op het Malieveld. Voor hen stuur ik u deze mail. Voor hen zal ik blijven strijden voor beter onderwijs.

Ik reken op u!

Hartelijke groet,

Kim van Strien